Borg

Van $1

    Inhoudsopgave
    1. 1. Voetnoten

    Deze pagina is overgezet naar een nieuw software-
    systeem en kan tijdelijk verder worden bewerkt op:
     
    https://christipedia.miraheze.org/wiki/Borg

    Een borg (Eng. surety, pledge; Du. Bürge; Lat. sponsor) is, volgens de eerste betekenis genoemd in het online woordenboek van Van Dale [1], iemand die zich voor het nakomen van een door een ander aangegane verbintenis aansprakelijk stelt. De tweede betekenis van 'borg' is: onderpand, waarborg, bijvoorbeeld in de uitdrukking “voor iemand borg staan”, dat is voor hem instaan.

    Vader Jacob stond zijn jongste zoon af, opdat deze voor de onderkoning van Egypte gesteld zou worden. Juda stelde zich tot borg voor Benjamin. Hij zei tot zijn vader:

    Ge 43:9 Ik zal borg voor hem zijn; van mijn hand zult gij hem eisen; indien ik hem tot u niet breng en hem voor uw aangezicht stel, zo zal ik alle dagen tegen u gezondigd hebben!
    (SV)

    Tegen de onderkoning (Jozef) zei Juda:

    Ge 44:32 Want uw knecht is voor deze jongeling borg bij mijn vader, zeggende: Zo ik hem tot u niet wederbreng, zo zal ik tegen mijn vader alle dagen gezondigd hebben!
    (SV)

    Onze Heer Jezus is borg geworden van een verbond dat beter is dan het oude verbond in de bedeling van de wet.

    Heb 7:22 in zover is Jezus ook borg geworden van een beter verbond.
    (TELOS)

    Het Grieks woord in dit vers vertaald door 'borg' is egguos (εγγυος), dat in het Nieuwe Testament alleen hier voorkomt. De Latijnse Vulgaat-vertaling heeft 'sponsor'. Het woord 'egguos' betekent als bijvoeglijk naamwoord letterlijk pandgevend, borgtocht stellend, als zelfstandig naamwoord 'borg'. Egguos komt van het Griekse γυιον, 'hand', en het Griekse εν, 'in', dus 'het in de hand gegevene'[3].

    In Christus Jezus hebben wij de zekerheid, de waarborg, dat de beloften van het nieuwe verbond vervuld zullen worden. Hij staat daarvoor garant, Hij is de borg. 

    Luther vertaalde het Griekse 'egguos' met “Ausrichter”, dat is de uitvoerder van het testament.

    “De gehele gang en samenhang van de Schriften maken duidelijk, dat Christus niet slechts vanwege de aankondiging van de beloften en door de bevestiging daarvan door wonderen, of door zijn onschuldig lijden en sterven, een borg genoemd kan worden. Hij wordt een borg genoemd omdat hij de betaling van onze schulden op zich genomen heeft om het testament ten uitvoer te brengen ” (Johannes Coccejus, theoloog[2]).

    Heb 7:25 Daarom kan Hij ook volledig behouden wie door Hem tot God naderen, daar Hij altijd leeft om voor hen tussenbeide te treden.
    (TELOS)

    Onze Heiland is de Voorspraak, de Middelaar, de Borg. 

    Voetnoten

    1. ↑ Zie www.VanDale.nl (2011)
    2. ↑ Johannes Coccejus, Summa doctrinae de foedere et testamento Dei, § 155, 159-161. Aangehaald in: Willem J. van Asselt, “Christus Sponsor. Een bijdrage tot de geschiedenis van het Coccejanisme”, in: Kerk en Theologie 53 (2002) 108-124.
    3. ↑ Harting, Grieks-Nederlands woordenboek op het Nieuwe Testament

    Labels: (Bewerk labels)
    • Geen labels
     
    Reacties (0)
    U moet inloggen om een reactie te geven.

     
    Powered by MindTouch Core
    Verrijk Christipedia door informatie toe te voegen.
    Help mee de tekst te verbeteren. Zie Meedoen.