Ezechiël (bijbelboek)

Van $1

    Versie vanaf 03:26, 6 apr 2020

    Terug naar deze versie.

    Terug naar Versie archief.

    Bekijk huidige versie

     

    Auteur en datering.

    Ezechiël ("God is sterk" of "God maakt sterk") behoorde als priester tot de aristocratie van Jeruzalem. Hij werd op 25 jarige leeftijd, met een groep ballingen, onder wie koning Jojachin van Juda, naar Babel weggevoerd. (2 Kon. 24:8-17.) Dit gebeurde 11 jaar voor de verwoesting van de tempel (586 v.Chr.)  In het 5e jaar van zijn ballingschap, in 593 voor Christus,  werd hij tot profeet geroepen.
    Het bijbelboek Ezechiël staat volledig in de IK-vorm, we kunnen er daarom van uitgaan dat Ezechiël inderdaad de auteur is van dit boek. 
    Ezechiël is minstens 22 jaar profeet geweest, want één van zijn profetieën is gedateerd in het 27e jaar van de ballingschap van koning Jojachin. (29:17.) Hij was een tijdgenoot van de profeten Jeremia en Daniël.
     

    Historische achtergronden.

    Vanwege de afgoderij van de Joden, één van de belangrijkste oorzaken van de ballingschap, was afgoderij één van de hoofdthema's van Ezechiëls profetieën, zolang Jeruzalem nog niet was verwoest.
     
    Na de val van Jeruzalem en de verwoesting van de tempel kregen zijn profetieën een andere inhoud. Vanaf dat moment kwam de nadruk te liggen op de nieuwe en hoopvolle toekomst die God zou gaan geven, dwars tegen alle donkere omstandigheden in.
     

    De boodschap van Ezechiël.

    Sleutelverzen: 1:28; 10:4+18; 43:2; enz. gaan over "De heerlijkheid van de Heer."
     
    De boodschap is enerzijds een boodschap van oordeel, maar anderzijds ook een boodschap van hoop. Dit komt tot uiting in het terugtrekken van de heerlijkheid van de Heer uit de tempel te Jeruzalem, beschreven in de hoofdstukken 8-11 en later de terugkeer  in de nieuwe tempel, hoofdstuk 43:1-
     
    Ezechiël sprak veel over Gods heiligheid en zijn weerzin tegen de zonde, maar ook over de genade, God zal niet blijven toornen over zijn volk.
     
    Een veel voorkomende zinsnede is: "zij zullen weten dat Ik de Heer ben," zowel de Joden als alle volken. Dit geldt zowel voor Gods oordelen als voor Gods genadedaden.
     

    Praktische betekenis.

    God zoekt mensen die biddend op de bres staan voor hun medemensen. Door hun gebed kunnen de oordelen uiitgesteld of verzacht worden. Ez. 22:30+31.
     

    Plaats binnen de Bijbel.

    In het Nieuwe testament komen vele citaten uit Ezechiël voor, voornamelijk in het bijbelboek Openbaring. Openbaring is in feite niet goed te begrijpen zonder Ezechiël. Ook Jezus gebruikte beelden uit Ezechiël b.v. de goede herder (Ez. 34 / Joh. 10:1-18.) 
     

    Bijzonderheden.

    Ezechiël maakte zeer ingrijpende dingen mee in zijn leven als profeet: soms viel hij (3:23) soms kon hij niet spreken (3:24-27; 33:22.) Ook wordt hij door God in visioenen soms vele honderden kilometers verplaatst (8:1-3.) Zijn optreden en gedrag waren voor zijn tijdgenoten soms bizar (5:1-40) toch genoot hij groot respect bij de leiders van de ballingen, die hem regelmatig om raad kwamen vragen. 
     

    Analyse.

    op basis van de inhoud kan het boek Ezechiël globaal in drie bundels worden verdeeld.
     
    Deel 1     1:1-24:27.     Het oordeel over Juda en Jeruzalem.
    Het roepingsvisioen neemt de eerste drie hoofdstukken in beslag. Ezechiël moet diverse malen de ondergang van Jeruzalem en de ballingschap uitbeelden. De heerlijkheid van de Heer trekt zich terug uit de tempel en stijgt op van de Olijfberg. De balingen klagen bij Ezechël dat zij de dupe zijn van de zonden van hun voorgeslacht, maar Ezechiël maakt ze duidelijk dat ieder persoonlijk verantwoordelijk is voor zijn eigen zonden.
     
    Deel 2     25:1-48:35.    Gods oordeel over verschillende volkeren.
    De ondergang van diverse volkeren, Ammon, Moab, Edom, de Filistijnen, Tyrus, Egypte, enz. worden door Ezechiël geprofeteerd. Hierbij gaat de beschrijving van de vorst van Tyrus ver alle aardse koningen te boven. Om deze gedeelten te begrijpen moet men inzien dat een gedeelte van deze profetie slaat op de opstand van Satan tegen God en zijn val.
     
    Deel 3      33:1-48:35.     Zegen voor Juda en Jeruzalem. 
    De hoofdstukken 33 tot 39 bevatten diverse heilsprofetieën. Een van de bekendste is het visioen van het dal met de dorre doodsbeenderen (37:1-14) waarin het herstel van Israël symbolisch wordt voorgesteld. In hoofdstuk 38+39 worden profetieën uitgesproken over Israëls toekomstige vijanden Gog en Magog. In de hoofdstukken 40-48 wordt een uitgebreide beschrijving gegeven van de tempel en de stad Jeruzalem in de verre toekomst. De heerlijkheid van de Heer keert terug tot zijn tempel.
     
    Ezechiël mag voor velen een bijbelboek zijn dat wordt overgeslagen omdat één en ander moeilijk is te verstaan, toch is het ook een boek dat spreekt over de hoopvolle toekomst van Gods volk en het bevat vele bemoedigende gedeelten voor de Nieuw Testamentische christen.

     
    Powered by MindTouch Core
    Verrijk Christipedia door informatie toe te voegen.
    Help mee de tekst te verbeteren. Zie Meedoen.