Mosterd

Van $1

    Inhoudsopgave
    1. 1. Meer informatie
    2. 2. Bronnen
    3. 3. Voetnoten

    Versie vanaf 23:33, 3 jul 2020

    Terug naar deze versie.

    Terug naar Versie archief.

    Bekijk huidige versie

    Mosterd (Du. Senf, Eng. mustard; Lat. sinapis; Talmoed: chardal) is in de plantkunde de naam van een plantengeslacht. De kruidenpasta die uit gemalen mosterdzaden wordt bereid wordt ook mosterd genoemd. De plant groeit uit een heel klein zaad en kan in oosterse landen de hoogte van een boom bereiken. De Heer Jezus vergelijkt het begin en de groei van het koninkrijk van God met dat van de mosterdplant.

    Mosterd_Brassica_Nigra_Sturm_1796.jpg

    Mosterd_Brassica_Nigra_Köhler_1897.jpg

    Fig. Twee weergaven (links en rechts) van de zwarte mosterd (Brassica Nigra)[2]

    De Nederlandse naam mosterd, vroeger mostaard, komt vermoedelijk van Lat. mustum, 'most', dat is het nog niet vergiste druivensap dat vroeger en soms ook nu nog bij de bereiding wordt gebruikt, en Lat. ardens, 'brandend', vandaar Eng. mustard en Ned. mostaard. Mosterd vermengd met wijn werd als geneesmiddel gebruikt.

    De mosterd is een eenjarige plant met gele bloemen. Ze wordt vaak verward met koolzaad waar ze erg op lijkt.

    Er bestaan verschillende soorten mosterdplanten:

    • Gele of witte mosterd (Sinapis alba), een plant uit de familie der kruisbloemen, afkomstig uit Zuid-Europa.
    • Zwarte mosterd (Brassica nigra, ook genoemd Sinapis nigra), eveneens een kruisbloemige. Zogenoemd naar de kleur van de zaadjes. 
    • Sareptamosterd (Brassica juncea) of Indische bruine mosterd, een tot 1,5 m hoge plant uit de kruisbloemenfamilie (Brassicaceae).
    • Ethiopische mosterd (Brassica Carinata)

    Sinapis is een geslacht van kruidachtige planten uit de kruisbloemenfamilie (Brassicaceae, Cruciferen of peulplanten). In de Benelux komen in het wild de herik (Sinapis arvensis) en witte mosterd (Sinapis alba) voor. Er is geen duidelijke scheiding tussen het geslacht Sinapis en het geslacht Brassica (kool). Sommige soorten worden door een botanicus in het Sinapis en door een andere vakgenoot in Brassica geplaatst. Vandaar dat zwarte mosterd zowel Brassica nigra als Sinapis nigra wordt genoemd.

    De mosterd wordt in het voorjaar gezaaid. De plant groeit snel en is slechts een eenjarig gewas. Na de bloei in de zomer vindt de oogst in het najaar plaats. Mosterd kan bijna overal in gematigde streken worden gekweekt.

    Mosterdzaadjes zijn kleine zaadjes. De Heer Jezus noemt het mosterdzaad in een van zijn gelijkenissen.

    Mt 13:31 Een andere gelijkenis hield Hij hun voor en zei: Het koninkrijk der hemelen is gelijk aan een mosterdzaad, dat een mens nam en in zijn akker zaaide;
    Mt 13:32 het is wel kleiner dan alle zaden, maar als het is opgegroeid, is het groter dan de groenten en wordt een boom, zodat de vogels van de hemel in zijn takken komen nestelen.
    (TELOS)

    De paralleltekst in Marcus: 

    Mr 4:30 En Hij zei: Hoe zullen wij het koninkrijk van God vergelijken, of met welke gelijkenis zullen wij het voorstellen?
    Mr 4:31 Als een mosterdzaad, dat wanneer het op de aarde wordt gezaaid, kleiner is dan alle zaden die op de aarde zijn;
    Mr 4:32 en wanneer het is gezaaid, komt het op en wordt groter dan alle groenten en maakt grote takken, zodat de vogels van de hemel onder zijn schaduw kunnen nestelen.
    (TELOS)

    Toen de Heer een demon had uitgedreven, kwamen de discipelen tot Hem afzonderlijk en zeiden: Waarom konden wij hem niet uitdrijven?

    Mt 17:20 Hij nu zei tot hen: Vanwege uw kleingeloof; want voorwaar, Ik zeg u: als u een geloof hebt als een mosterdzaad, zult u tot deze berg zeggen: Verplaats u van hier daarheen, en hij zal zich verplaatsen; en niets zal u onmogelijk zijn.
    (TELOS)

    In het Grieks van de grondtekst wordt voor ‘mosterd’ het woord sinapi (σιναπι) gebruikt. Dit komt vijf keer voor in het Nieuwe Testament (Matth. 13: 31 v.; Marc. 4, 31; Luc. 13, 19; Matth.17, 20; Luc. 17, 6). Ook de Joodse Talmoed spreekt van het mosterdzaad.

    Mosterd kwam in het land Israël in het wild en in tuinen voor. Vooral geldt dit van de zwarte mosterd (Sinapis nigra L.). Het mosterdzaad waarvan de Heer Jezus sprak in de gelijkenis van Matth. 13 is waarschijnlijk dat van de zwarte mosterd. De korrels zitten met 4-6 stuks in de een duim lange, cylindervormige, met een snaveltje voorziene peulen. 

    De mosterdkorrel, vroeger mostaardkorrel geheten, was het kleinste onder de zaden die in de moesgrond gezaaid werden. De mosterdzaadjes waren de kleinste van die der nuttige planten, welke in de tuinen en op de akkers aangekweekt werden. Het zaad was het kleinste in het land van Israël[1]. De zaadjes zijn ongeveer 0,5 tot 1 mm groot.

    Uit het nietige zaadje groeit de mostaardplant die zo groot kan worden als een boom, tot 3 meter hoog en meer. In het oosten verkrijgt de plant een aanmerkelijk grotere wasdom dan bij ons. Bij ons wordt de zwarte mosterd ongeveer 1,2 meter, de witte mosterd slechts 60 cm hoog; in Israël daarentegen bereikt zij soms een hoogte van 2,4 tot 3,6 meter, zodat zij met haar brede takken niet alleen de grootste onder de kruiden maar zelfs een boom kon heten, onder welks takken de vogels van de hemel nestelen. Vergelijk Ps. 104:12, waar van de vogels des hemels gezegd wordt dat zij bij de beken wonen en van tussen de takken hun lied laten horen. De opmerking “onder welks takken de vogels van de hemel nestelen” berust op de waarneming, dat verscheidene soorten kleine vogels graag de mosterdbomen zoeken om zich met de zaadjes te voeden.

    De snelle wasdom tot zulk een hoogte en uit zulk een klein zaadje, maakte de plant tot een treffend beeld van het uit het onaanzienlijk Evangelie en uit de onaanzienlijke Twaalf sterk en toenemend rijk van God, zowel in het groot en algemeen (Matth. 13 : 31. Mark. 4: 31), als in het hart van ieder in het bijzonder (Matth. 17 : 20).

    Zowel de oude Grieken als de Romeinen kenden mosterd. Het mosterdzaad werd oudtijds vaak aangewend in de geneeskunde en tot het conserveren van spijzen . De Grieken gebruikten het vanaf de 4e eeuw v.Chr. alleen als geneesmiddel. De Romeinen beschreven de mosterdbereiding in de eerste eeuw na Christus.

    Plantensoorten geteeld voor het maken van de specerij mosterd zijn onder meer de witte mosterd, de zwarte mosterd en de sareptamosterd. Zwart mosterdzaad is scherper dan geel of bruin mosterdzaad, doordat het gehalte van olie hoger is. De hele zaadjes worden tegenwoordig gebruikt bij het inmaken van zure augurken of zilveruitjes, en ook in mosterdkaas. 

    Het verhaal van zekere Rabbi Simeon in de Jeruzalemse Gemara, dat hij op de stam van een in zijn tuin staande mosterdboom als op die van een vijgeboom klom, is bepaald overdreven, evenals een ander bericht van een mosterdboom met drie takken, waarvan een 3 of, volgens de Babylonische Gemara, zelfs 7 kab zaad (1 kab = 1,22 liter) en zoveel hout opleverde, dat men er een pottenbakkerstent mee had kunnen bedekken.

    In plaats van de zwarte mosterd heeft men bij de boom in de gelijkenis van de Heer Jezus ook wel gedacht aan de Salvadora persica L., ook tandenborstelboom of mosterdboom genoemd. Deze hoort thuis in Arabië , Perzië en India, en wordt ook bij Engedi en aan het zuidelijke einde van de Dode Zee aangetroffen. Bij de Arabieren, evenals de mosterd in de Talmud, wordt de boom chardal genoemd. Maar in de aangehaalde Schriftplaatsen kan zij niet bedoeld zijn. De Salvadora persica heeft een steenvrucht en wordt meestal niet gezaaid.

    Meer informatie

    Art. Mosterd op Wikipedia.nl

    Bronnen

    Art. Sinapis op Wikipedia.nl. Tekst hieruit is verwerkt op 2 juni 2013.

    Art. Mosterd op Wikipedia.nl. Tekst hieruit is verwerkt op 2 juni 2013.

    H. Zeller, Bijbelsch Woordenboek voor het Christelijke volk. Tweede deel K - Z. ('s Gravenhage: M.J. Visser, 1872) s.v. Mostaardkorrel. Hieruit is op 2 juni 2013 tekst genomen en verwerkt.

    Ed. Rhiem, C.H. van Rhijn (red.), Bijbelsch woordenboek voor ontwikkelde lezers der Heilige Schriften, s.v. Mosterdzaad. Utrecht: Kemink & Zoon, z.j. Hieruit is op 2 juni 2013 juli 2012 tekst verwerkt.

    Voetnoten

    1. ↑ Aldus Griechisch-Deutsch Strongs Lexikon, onderdeel van de Online Bible, een uitgave van Importantia. 
    2. ↑ Linker weergave: tekening gemaakt door Jacob Sturm. Afbeelding ontleend aan Wikimedia Commons,  bronpaginaOorspronkelijke bron: Johann Georg Sturm, Deutschlands Flora in Abbildungen (1796).
    Rechter weergave: Franz Eugen Köhler, Köhler's Medizinal-Pflanzen (1897). Afbeelding ontleend aan Wikimedia Commons,  bronpagina


     


     
    Powered by MindTouch Core
    Verrijk Christipedia door informatie toe te voegen.
    Help mee de tekst te verbeteren. Zie Meedoen.